Blogbericht

  • Een biologische factor

    18 oktober 2015
    door

    Bij de ontwikkeling van depressie spelen vele factoren een rol. In de psychologie maken we onderscheid in biologische-, persoons- en omgevingsfactoren. Deze hebben allemaal invloed op elkaar.

    Met biologische factoren bedoelen we onze genen. Deze week bespreek ik zo’n factor. We gaan van de stress-reactie naar de amygdala, dan via eiwitten naar het serotonine-gen. Interessant? Daar gaan we dan.

    Een stress-reactie is je reactie op een situatie die je als bedreigend ervaart. Er komt adrenaline vrij dat je hart sneller laat kloppen en je bloed dus sneller gaat stromen. Je spieren kunnen zo meer zuurstof uit het bloed halen, wat ze sneller en sterker maakt. Nuttig, want als je wordt aangevallen moet je snel kunnen rennen of hard kunnen slaan! Deze reactie zit sinds de oertijd in ons ‘systeem’. Het helpt je bedreigende situaties te overleven. Maar de één ervaart een situatie éérder als bedreigend dan de ander. Hoe kan dat? Lees even verder.

    De amygdala; dit is een gebied in je hersenen dat ‘beslist’ of een situatie bedreigend is of niet. Zo ja, dan laat de amygdala je angst voelen en wordt de stress-reactie opgewekt. De amygdala maakt de beslissing of een situatie bedreigend is of niet in samenwerking met andere hersengebieden.

    En daar komen eiwitten bij kijken. Dit zijn de ‘boodschappers’ die de verschillende hersengebieden met elkaar verbinden. Hierdoor kunnen ze samenwerken, en denken, voelen en doen we dingen. Een belangrijk ‘boodschappereiwit’ is serotonine. Deze komt voor in twee varianten. Wat blijkt? De ene zorgt voor een sterke activiteit in de amygdala, de andere veel minder.

    En waar komt die serotonine vandaan? Juist, van je serotonine-gen. Deze produceert één van de twee varianten. Welke, is erfelijk bepaald. Aangeboren dus. Als jouw serotonine-gen de variant produceert die voor sterke activiteit in de amygdala zorgt, gaat deze sneller ‘aan het werk’; je amygdala slaat éérder alarm dan de amygdala van iemand wiens serotonine-gen de andere variant produceert. Je ervaart een situatie dus sneller als bedreigend en voelt sneller angst, met de bijbehorende stress-reactie. Kortom, je bent snel angstig. En angst is de voedingsbodem voor depressie. In de officiële omschrijving van depressie staat niet voor niets het symptoom ‘een chronisch onbestemd gevoel’.

    Nou, daar zit je dan, met je akelig serotonine-gen. Dat kun je niet veranderen. De manier waarop je met angst omgaat wel! Daar kom ik binnenkort op terug.

    Linda.

    «   »

  • Nieuwste berichten

    Alle berichten